NL / EN

Home

Falabella Stamboek Europa


De officiële site voor het registreren van Falabella's uit Europa. Falabella Stamboek Europa is een erkend stamboek door het productschap PVE in Nederland en erkend door ACCF Argentinië -moederstamboek- voor geheel Europa. FSE is de officiële registratie van raszuivere Falabella's voor Europa.


Het Falabella ras: grootte, rusticiteit en kracht


Enkele paarden, met de deugden van hun voorvaderen, zijn door onbekende reden geïsoleerd geraakt van de rest van de groep. Ze woonden waarschijnlijk in een kleiner gebied in de zuidelijke heuvels van de huidige provincie Buenos Aires. De onvermijdelijke kruisbestuiving of een nog onbekende genetische verandering zorgde ervoor dat de paarden langzamerhand kleiner werden. Dit is het kenmerk dat generatie op generatie wordt doorgegeven.

De paarden leefden al sinds de 19de eeuw in die regio toen een Ierse paardenfokker, Newtall, ze ontdekte in een wilde kudde: een groep, kleine perfect gevormde paardjes wiens oorsprong niet verklaard kon worden door de plaatselijke indianen. De paardjes leefden immers al heel lang tussen de werkpaarden van de Indianen. Newtall ving de paarden en fokte ze als hobby. Waarschijnlijk omdat hun ongebruikelijke formaat hem herinnerde aan wat hij ooit in zijn eigen land zag. Niet lang daarna schonk hij zijn kudde aan zijn schoonzoon J. Falabella. Sindsdien fokt hij de Falabella familiepaarden en zo groeide de kudde groter en groter. Tegen het eind van de 19de eeuw werd het bloed van andere rassen gebruikt om de proporties van de kleine paardjes te verfijnen. Het proces gebruikt voor deze kruisbestuiving is nergens vastgelegd en men komt er misschien wel nooit achter, maar waarschijnlijk bestond het uit de selectie van proeven van klein formaat en een helpende hand bij copulatie. Morfologische en functionele selectietechnieken maakte het mogelijk om proeven te verkrijgen die zich onderscheiden op intelligentie en het kleine formaat. Sterker nog, gecontroleerd bloedverwantschap was het middel dat dit kenmerk realiseerde. In 1930 ontstond uiteindelijk het type zoals we het nu kennen. Het fokken en selecteren was sindsdien constant en nieuwe methoden worden gebruikt om het resultaat te optimaliseren. De gebruikte technieken en vormen van selectie gaan verder dan in dit document beschreven. Het moet worden benadrukt dat geen van deze ontwikkelingen mogelijk waren zonder het eindeloze geduld, de talloze pogingen van vele generatie fokkers. Hun harde werken heeft de patronen bepaald waardoor het ras zich onderscheidt. Ook de volgende generaties van Falabella paarden zullen deze toewijding van pionierfokkers weerspiegelen.

De oorsprong van het Falabella ras

Net als elk ander ras, is het Falabella paard het resultaat van natuurlijke selectie. Het is een kruising tussen verschillende soorten Criollo paarden en, in mindere mate, Europese en Aziatische rassen. Dit leidde tot een ras met specifieke en duidelijk herkenbare kenmerken. Telkens als mensen mij iets vragen over de oorsprong van de paarden, verwijs ik ze naar eeuwenoude documenten die geschreven zijn in de tijd van de voorvaderen van het Falabella paard. Ik denk dat het Falabella paard al dateert uit de tijd dat de Spaanse overheersers in Zuid-Amerika leefden. Nu wil ik het even hebben over de paarden die in deze regio leefden, ze hebben namelijk veel kenmerken die de huidige Falabella paarden ook hebben. Toen Amerika ontdekt werd, was het Spaanse paard één van de nobelste en sterkste dieren van Europa. Het was een mix tussen het Oosterse bloed van een Moors ras uit Noord-Afrika en een regionaal Spaans ras. De Spaanse paarden die naar het Zuid-Amerikaanse continent waren gebracht, waren geselecteerd op kracht en weerstand zodat ze bestand waren tegen zware omstandigheden. Nadat de paarden naar de pampas waren gebracht, werden ze in de steek gelaten tijdens de eerste fase van de Overwinning en de onvoorspelbare natuurlijke selectie was een feit. De volgende generatie paarden was in staat om te overleven in een ‘moeilijke’ omgeving. De zwakke paarden overleefden deze omstandigheden niet of ze vielen ten prooi aan de Indianen of poema’s. De sterkste en fitste paarden konden die overleefden werden het hoofd van de kudde. De ‘beste’ dieren waren zo verkozen om voor nageslacht te zorgen, maar zelfs door bloedverwantschap werd het geslacht sterker waarbij de nadruk lag op de roestieke kwaliteiten en waardoor ze in die omgeving konden overleven.